Alles wat je wilt weten over stress

Alles wat je wilt weten over stress

Stress, het meest gegooglde woord door overwerkte medewerkers, mensen die al maanden thuis zitten met een burnout. Maar toch zijn er best veel tools die niet gebruikt worden om stressvolle situaties beter aan te pakken en een burnout te voorkomen.

Hoe los je snel een burn-out op?

1 op de 7 werkende nederlanders heeft een burn-out. Dat is kneiterveel en tegenwoordig wordt er alleen maar gepraat met psychologen terwijl er niks met het lichaam gedaan wordt. Waarom hebben we het dan in godsnaam over de body en mind connectie als we er vervolgens niks mee doen. In deze blog leg ik je uit wat je nog meer kan doen dan alleen maar praten met je psycholoog. lees verder

 

Benieuwd naar waar wij onze informatie vandaan hebben?

In deze blog lees je welke cursussen we gevolgd hebben op het gebied van stress, welke boeken we verslonden hebben en welke social media accounts wij leuk vinden om te volgen.

 

Wil je stress de baas worden? Ben je klaar om alleen maar over je problemen te praten maar wil je ook fysiek je stress aanpakken. Dan kan ik je helpen! Maak een gratis afspraak en kom erachter wat ik voor je kan betekenen. 

Hoe los je snel een burn-out op?

Hoe los je snel een burn-out op?

1 op de 7 werkende nederlanders heeft een burn-out en die ligt er 1,5 jaar uit. Het rare is dat als iemand de diagnose burnout krijgt dat die persoon dan op eens helemaal niks meer kan. Net zoals in het ziekenhuis. Zodra iemand met een gebroken pols binnenkomt gelopen verwacht hij/zij om in een rolstoel te worden rondgereden. Je hebt een burnout maar je bent niet opeens 45 ouder geworden en leeft in een bejaarde tehuis. In deze blog leg ik je uit, hoe je sneller van je burn-out af kan komen want 1,5 jaar naar geraniums staren is ook zonde van jouw kostbare tijd.

Stap 1. Praat niet met andere mensen die een burn-out hebben gehad

Een veel gemaakte fout is dat je met je buurvrouw gaat praten die 3 jaar in een burn-out heeft gezeten en nog steeds last heeft van hoofdpijn en maar halve dagen werkt. Een burn-out is heel persoonlijk en is een verzamelnaam.  Waarom jij geen energie meer hebt en hoe je deze weer terug kan krijgen is per persoon anders. Daarom is het goed om met een professionele burn-out coach te praten die gaat kijken waar jouw energie naar toe gaat en wat jou stress oplevert.

Stap 2: verbeter je slaap en voeding zodat je weer meer energie krijgt.

Jezelf kunnen opladen en barsten van de energie heeft te maken met hoe goed je eet en hoe je slaap is. Beter slapen doe je niet door meer te slapen maar juist vroeg op te staan. In de vroege ochtend zon vult je lichaam zich via je ogen met melatonine dat je in de avond kan gebruiken om in slaap te komen en de hele nacht door te slapen. Voeding is veiligheid daarom is het belangrijk om de juiste voedingsmiddelen binnen te krijgen op de juiste momenten. Veel koolhydraten terwijl je niet actief bent kan je onrustig maken omdat je tegen je lichaam zegt ga bewegen terwijl je hoofd bezig is met nadenken. Het afstemmen van je voeding op je activiteit geeft meer body mind connectie waardoor je minder stress ervaart en meer energie krijgt. 

Stap 3: Slik extra supplementen om sneller van je burn-out af te komen

Je lichaam heeft zeker al een paar signalen gegeven voor dat je in een burn-out kwam. Alleen deze heb je genegeerd. Deze signalen zijn waarschuwingen geweest om beter op je lichaam te letten. Last van kortademigheid, diarree of constipatie, uitslag op je huid. Zijn allemaal signalen dat je darmen uit balans zijn. Maar zijn je darmen uit balans doordat je maagzuur kwaliteit niet goed is, of omdat je slecht eet of heb je een disbalans tussen je schimmels, bacteriën en virussen in je darmen. Door dit uit te testen en de juiste supplementen te nemen kun je binnen no-time je lichaam van binnenuit opruimen zodat er energie komt om op te boksen tegen je burn-out. 

Stap 4: Ga op de juiste manier trainen

Soms kan sporten overweldigend zijn als je veel stress hebt. Waar haal ik de tijd vandaan, want ik moet nog zoveel. Juist investeren in je lichaam op een manier die voor jou werkt is belangrijk. Zo wordt je sterker en kun je beter met stress omgaan. Door te kiezen voor spelletjes spelen in combinatie met zware gewichten tillen (max 5 herhalingen) zorg je ervoor dat je lichaam de stress aan kan.  

Stap 5: Wees lief voor jezelf

Sommige dagen zijn niet zoals andere dagen. Daarom is het goed om doelstellingen te stellen die proces georiënteerd zijn ipv product georiënteerd. Nu zul je je afvragen wat is een proces georiënteerde doelstelling? Hieronder staan een paar voorbeelden. 

Product georiënteerde doelstellingen zijn: Ik moet deze deadline halen (no matter what). Ik moet deze maand 10.000 euro omzetten. Ik wil 10 km rennen in 60 minuten. 

Proces georiënteerde doelstellingen zijn: ik wil vandaag tijdens het hardlopen focussen op het voelen van mijn hamstrings. Kan ik tijdens een gesprek voelen wat ik wil zeggen ipv te zeggen wat iemand anders wil horen.

Nu je weet wat het verschil is tussen product en proces georiënteerde doelstelling is dat je bij product georiënteerde doelstelling wint of verliest, terwijl je bij proces georiënteerde doelstelling altijd wint. En dat is heel belangrijk verschil. 

Als je een slechte dag hebt en je wilt 10 km gaan hardlopen in 60 minuten en je haalt het niet, dan heb je gefaald. Als je gaat hardlopen en je legt de focus op het voelen van je hamstrings dan kan dat in 1KM of in 10KM en dan maakt de tijd niet eens uit want je voelt je hamstrings. Dus je wint altijd. 

Het winnen geeft je zelfvertrouwen, en daarom is het belangrijk om doelen te stellen die proces georiënteerd zijn. 

Heb je hulp nodig?

Wij starten binnenkort een Burn-out Traject waar we bovenstaande allemaal toepassen en nog een paar extra’s. 

Stress | Mentor’s, Guru’s & echte aanraders

Stress | Mentor’s, Guru’s & echte aanraders

Deze blog laat zien waar wij onze kennis vandaan heb, bij wie we cursussen hebben gevolgd. Welke e-book’s/boeken we gelezen hebben en wat we aanraden om aan te schaffen om met stress om te gaan. Als laatste delen we een paar accounts die @bamboogym zelf volgt op de socials en waar we veel inspiratie vandaan halen. Heb je zelf nog een goede aanvulling laat het me weten.

Stress mindset mentor’s

Wouter heeft het geluk gehad dat hij bij deze toppers alles over stress te kunnen leren. Zo kan hij heel goed mensen helpen die langere tijd stress hebben of zelfs in een burnout zitten.

 

Julien & Richard | Strongfit

Het parasympatische systeem heeft heel veel invloed op stress en trauma’s gaan in spieren zitten. Bij strongfit heb ik geleerd dat bepaalde spieren gekoppeld zijn aan je parasympatische systeem. Vaak zie je dat mensen met veel stress hun orthosympatische systeem flink aanzetten (ze staan de hele dag aan). Hierdoor hebben veel mensen ook vaak last van zijn onderrug, nek, middenrug, buitenkant knie of buitenkant elleboog. Door te focussen op de spieren van het parasympatische systeem kun je een betere body en mind connectie krijgen en echt beter in je vel komen. 

Perry | Stop Chasin Pain

Je kunt aan de hand van je huig in je mond zien of je nerves vagus goed werkt of niet. Als hij niet goed werkt dan staat je lichaam de hele dag aan en kom je slecht in slaap en ben je snel overprikkeld. Dit kun je oplossen door je ademhaling aan te passen of op bepaalde plekken op je nek tape te plakken om je nerves vagus te ontspannen. Dit klinkt heel vaag maar de meest complexe problemen, zijn hierdoor opgelost. 

Timo | Physis Academy

Stress is niet het probleem, hoe je over stress denkt wel. Door Timo heb ik geleerd hoe stress in relatie staat met andere domeinen zoals ademhaling, voeding, slaap en je immuunsysteem. Daarnaast denken veel mensen dat stress slecht voor je is maar eigenlijk is de mindset die je hebt over stress bepaalt of je stress ervaart. 

Jozef | Fighting Monkey

Door spelletjes te spelen leer je je lichaam bewust uit te dagen. Het leuke aan spelletjes spelen is dat je DHEA aanmaakt. Dit hormoon zorgt ervoor dat je mindset over stress in een positieve manier wordt beïnvloed. Want elke keer als je spelletjes speelt kun je zien of iemand onder stress terug valt in oude patronen of juist bewust kiest voor een manier om met stress om te gaan. Be the Wolf

Overload Worldwide

Bij Overload worldwide heb ik geleerd hoe je het beste kunt trainen met iemand die veel stress heeft. Zo is het helemaal niet handig om veel herhalingen te maken of een HITT training te doen. Ook voeding en suppletie zorgt ervoor dat je lichaam beter met stress kan omgaan. 

Annette | Posture Pro

Als je lichaam niet goed feedback kan ontvangen door middel van de huid, ogen of voeten dan ervaart het gevaar en gaat het lichaam verstijven als een stress respons. De meeste mensen met stress hebben last van knarsende tanden of nek klachten. Deze klachten los je niet op met 1 massage maar wel met het verbeteren van je ogen en kaak.

Ontstress technieken die wij fijn vinden

Grounding
Shaktimat
Ijsbad/Face dunks
Shaking

Stress/mindset instagram accounts

 @posturepro
@iceman_hof
@physis.academy
@the.holistic.psychologist

Heb je hulp nodig om je stresslevels onder controle te krijgen? Wij hebben heel veel klanten geholpen die niet lekker in hun vel zaten. Maar ook genoeg klanten die paniek aanvallen hadden, midden in een  burnouts zaten, overal controle willen houden, en veel perfectionisten of mensen die heel goed gaan op structuur en protocollen. 

 

Mineralen

Mineralen

Vitamines en mineralen samen vormen onze micronutriënten, ook wel beschermende stoffen. Ze leveren ons geen energie maar zijn absoluut noodzakelijk voor een goede gezondheid. Het verschil tussen vitamines en mineralen bevindt zich vooral op scheikundig gebied. Vitaminen zijn organische stoffen en komen uit de levende natuur, mineralen echter zijn anorganische stoffen (zouten) en komen voort uit de dode natuur.

In een eerdere blog zijn de verschillende vitamines aan bod gekomen. Hier zullen we dieper in gaan op de verschillende mineralen die ons lichaam nodig heeft voor specifieke functies bij cellen en weefsels in het lichaam. 

Mineralen hebben ieder afzonderlijke functies, maar ze hebben ook gezamenlijke functies, waarbij ze elkaar aanvullen of juist tegenwerken. Ons lichaam heeft mineralen nodig om bepaalde hormonen aan te kunnen maken en zo bepaalde lichaamsfuncties te kunnen regulieren. 

Momenteel zijn er een stuk of 20 mineralen bekend. Er wordt vaak onderscheid gemaakt tussen mineralen en spoorelementen. Spoorelementen zijn mineralen waarvan het lichaam weinig nodig heeft, slechts enkele microgrammen per dag. Ons lichaam neemt neemt mineralen en spoorelementen, zoals calcium, koper, jodium en selenium, goed op, afhankelijk van de vorm waarin ze aanwezig zijn. Hoeveel het lichaam opneemt, hangt onder andere af van de oplosbaarheid in de darm en van de voedingssamenstelling. 

De belangrijkste mineralen worden hieronder besproken:

  • Calcium (kalk): is belangrijk voor de opbouw en instandhouding van het skelet en gebit. Het zorgt samen met fosfor voor stevigheid. Het speelt ook een rol bij het samentrekken van de spieren, doorgeven van zenuwimpulsen en de bloedstolling. Daarnaast is calcium betrokken bij het opnemen en uitscheiden van natrium, kalium en magnesium door de cellen. 

Er gaat calcium verloren bij het zweten, maar dat verlies kan heel gemakkelijk aangevuld worden via de opname van calcium in de voeding. Calcium kan men halen uit peulvruchten, noten, groene bladgroenten (spinazie, postelein), sesamzaad, kelp en zeewier. 

Veel mensen denken dat calcium vooral voorkomt in melkproducten, maar uit een melkproduct wordt maar 6% calcium opgenomen, omdat het gebonden is aan caseïne en veel fosfor bevat, waardoor het een slechte calciumleverancier is. Vitamine D stimuleert de opname van calcium uit de darmen en het vastleggen ervan in het botweefsel. 

Aanbevolen dagelijkse hoeveelheid:

Volwassenen tot en met 50 jaar dienen 1.000 milligram (= 1 gram) calcium per dag te gebruiken. Vanaf 51 jaar is dat 1.100 milligram (= 1,1 gram) per dag. Er geldt een maximum van 2.500 milligram (= 2,5 gram) per dag. 

Te veel calcium – Bij een teveel aan calcium kunnen er urinewegstenen ontstaan, evenals verkalking van de nieren en bloedvaatwanden. 

Te weinig calcium – Bij een tekort aan calcium ontstaan spierkrampen, doordat calcium een rol speelt in de prikkelgevoeligheid van spieren. Er vinden ook botontkalking (osteoporose) en botverweking (osteomalacie) plaats, evenals stoornissen in de bloedstolling. 

Risicogroepen – Mensen met een tekort aan vitamine D lopen het risico op een te lage calciuminname, omdat zonder vitamine D het calcium niet opgenomen kan worden. Ook mensen die te weinig calcium uit voeding halen (zoals veganisten) lopen een risico. 

  • Jodium (I) : is belangrijk voor de productie van schildklierhormonen. Deze hormonen zijn nodig voor een goede groei, de ontwikkeling van het zenuwstelsel en de stofwisseling.

Er van nature niet veel jodium in voeding, daarom wordt het toegevoegd: denk bijvoorbeeld aan gejodeerd zout (jozo) en brood (gebakken met gejodeerd zout). In zeedieren, zeewier, vis en schelpdieren zit van nature veel jodium. 

Aanbevolen dagelijkse hoeveelheid – Een volwassene hee 150 microgram jodium per dag nodig. 

Te veel jodium – De meeste mensen kunnen een teveel aan jodium in het eten zonder problemen verdragen. Een teveel komt zelden voor.

Te weinig jodium – Een tekort aan jodium ontstaat als iemand te weinig zeevoedsel eet of te weinig gejodeerd zout eet. In de schildklier zit normaal gesproken een grote voorraad jodium. Het gevolg is onder meer een tragere stofwisseling en het aankomen in gewicht. Andere symptomen zijn vermoeidheid, koud hebben, obstipatie, stijve spieren en gewrichten. 

Bij kinderen leidt een jodiumtekort tot een groeiachterstand en een verminderd leervermogen.

Risicogroepen – Mensen die weinig zeevoedsel (zeewier, vis of schaal- en schelpdieren) of brood eten. 

  • Kalium: zorgt samen met natrium en chloor voor de vochtbalans en bloeddruk in het lichaam. Daarnaast zorgt kalium ervoor dat zenuwprikkels goed geleid worden en spieren zich samentrekken. 

Het lichaam zorgt meestal zelf voor de juiste hoeveelheid kalium.Ongeveer 90% van het kalium in het lichaam wordt uitgeplast. De rest verlaat het lichaam via de ontlasting. Door zweten verliezen we heel weinig kalium. 

Kalium kan men onder andere halen uit zeewier, bananen, spruitjes, boerenkool, cacao, aardappelen, makreel, mosselen en gevogelte. 

Aanbevolen dagelijkse hoeveelheid 

De ADH voor kalium is 3,5 gram. 

Te veel kalium – Een teveel aan kalium kan optreden als de nieren niet opmaal functioneren. Ook bij bepaalde medicijnen voor de bloeddruk kan het kaliumgehalte te hoog worden. 

Te weinig kalium – Onder normale omstandigheden komt een tekort niet voor. 

Risicogroepen – Mensen die ernstig braken, mensen die diarree hebben en/of mensen die plaspillen gebruiken. 

  • Natrium: is nodig voor het evenwicht in de vochthuishouding in het lichaam en speelt een belangrijk rol bij de bloeddruk, samen met kalium. In combinatie met kalium is natrium belangrijk voor het doorgeven van de prikkels door de zenuwen en het samentrekken van de spieren. 

Natrium komt van nature in bijna alle voedingsmiddelen voor en is een bestanddeel van keukenzout: 0,4 gram natrium is 1 gram zout. Andere belangrijke bronnen zijn zout, melk, kaas, vleeswaren en alle producten waar de fabrikant zout aan hee toegevoegd.

Aanbevolen dagelijkse hoeveelheid 

Voor volwassenen is niet meer dan 6 gram zout per dag, dat is 2,4 gram natrium. Er is een adequate inname (AI) vastgesteld: deze is voor volwassenen 1,5 gram natrium per dag. Dit is de hoeveelheid die nodig is om de verliezen via onder andere urine en zweet onder normale omstandigheden aan te vullen. 

Te veel natrium  – Te veel natrium kan nierfunctie problemen veroorzaken, evenals botontkalking, hoge bloeddruk en vochtophoping. 

Te weinig natrium – De kans op een tekort aan natrium is erg klein. 

Risicogroepen – Mensen met ernstige diarree, mensen die zware lichamelijke inspanning onder warme omstandigheden verrichten en mensen die intensief sporten onder tropische omstandigheden. 

  • IJzer: is belangrijk voor de vorming van hemoglobine, dat nodig is voor het zuurstoftransport in het bloed en de stofwisseling. Ook speelt het een rol bij de vorming van spierweefsel. Het lichaam kan van ijzer een voorraad aanleggen. Dit gebeurt in de organen die bloed aanmaken: in de lever, in het beenmerg en in organen waar de bloedlichaampjes afgebroken worden. 

Ijzer in dierlijke producten komt voor: in rood vlees, lever en schelpdieren.

In plantaardige producten komt ijzer voor in: volkoren graanproducten, peulvruchten, gedroogde abrikozen, appelstroop en bladgroenten. 

De opname wordt verhoogd als ze gecombineerd wordt met de opname van vitamine C. Een glas sinaasappel- of grapefruitsap bij de maaltijd bevordert dus de opname van ijzer. Melk en cafeïne bij de maaltijd zorgen voor een lagere ijzeropname.

Aanbevolen dagelijkse hoeveelheid

Voor volwassenen wordt 11 milligram ijzer per dag aanbevolen. 

Te veel ijzer – Dit kan leiden tot beschadiging van lever, hart en darmen. 

Te weinig ijzer – Dit kan leiden tot klachten als duizeligheid en verminderd concentratievermogen. Een groter tekort kan leiden tot bloedarmoede.

Risicogroepen – Vrouwen tijdens de menstruatie, zwangere vrouwen, vrouwen die borstvoeding geven, vegetariërs, veganisten en jongeren onder de 22 jaar. 

  • Magnesium: is een belangrijke voedingsstof die nauw samenwerkt met calcium. Magnesium is belangrijk voor de energiestofwisseling, bot opbouw, opbouw van lichaamseiwit, overdracht van prikkels in spieren en zenuwbanen, goed voor het functioneren van spieren (zoals de hartspier) en helpt de calciumstofwisseling reguleren. 

Magnesium komt vooral voor in groene groentes, volkoren graanproducten, kelp, noten, garnalen, citroenen, frambozen, avocado’s en cacao. 

Aanbevolen dagelijkse hoeveelheid – Voor volwassen mannen is de ADH 350 milligram per dag, voor volwassen vrouwen is dat 280 milligram per dag. 

Te veel magnesium – Een overschot aan magnesium ontstaat alleen bij gebruik van tabletten waarin magnesium zit, magnesiumzouten of mineraalwater waarin veel magnesium zit. Er kunnen dan darmklachten en diarree ontstaan. 

Te weinig magnesium – Een tekort aan magnesium komt regelmatig voor. Een oorzaak kan een te hoge calciuminname zijn. Een magnesiumtekort is te herkennen aan algehele lusteloosheid of vermoeidheid, spierkrampen, hartritmestoornissen en nervositeit. 

Risicogroepen – Mensen die grote hoeveelheden alcohol of suiker gebruiken. Mensen met stofwisselings- en voedingsstoornissen.

  • Selenium: heeft een samenwerking met vitamine E. Selenium is een antioxidant en zit in de lever. Het beschermt rode bloedlichaampjes en cellen tegen beschadiging. Selenium maakt zware metalen die in de voeding terechtkomen minder schadelijk. Selenium is ook belangrijk voor een goede werking van de schildklier. 

Selenium zit in veel voedingsmiddelen, in zowel dierlijke als plantaardige. Het komt voor in orgaanvlees, vis en schelpdieren, sesamzaad, asperges en paranoten. Het eten van twee paranoten per dag geeft je al voldoende selenium. 

Aanbevolen dagelijkse hoeveelheid – De ADH is voor volwassen mannen en vrouwen 70 microgram. 

Te veel selenium – Via de voeding is het mogelijk te veel selenium op te nemen, bijvoorbeeld door inname van te veel paranoten. Een overdosis aan selenium uit zich in haaruitval, verlies van tanden, aandoeningen van het zenuwstelsel en huidafwijkingen. Verder kan de geur van het zweet onaangenaam veranderen en kunnen mensen uit de mond gaan ruiken. 

Te weinig selenium – Een langdurig ernstig tekort aan seleen leidt tot hartstoringen, spierpijn en spierzwakte. 

Risicogroepen – Er zijn aanwijzingen dat sommige groepen mogelijk minder selenium binnenkrijgen dan wordt aanbevolen, zoals jonge kinderen, zwangere vrouwen en vegetariërs.

  • Zink: is een onderdeel van een groot aantal enzymen die betrokken zijn bij de stofwisseling. Zink is nodig bij de opbouw van eiwitten, groei en ontwikkeling van weefsel, en een goede werking van het afweer- en immuunsysteem. 

Zink kan men halen uit vlees, kaas, volkoren granen, noten en schaal- en schelpdieren, zoals garnalen en mosselen. 

Aanbevolen dagelijkse hoeveelheid – De ADH voor volwassen mannen is 9 milligram per dag, voor volwassen vrouwen 7 milligram per dag. 

Te veel zink – Te veel zink opnemen via de voeding is vrijwel onmogelijk. 

Te weinig zink – Een tekort aan zink komt veel voor als gevolg van een verminderde opname door een verminderde werking van het maag- en darmkanaal. Door een tekort aan zink ontstaan infecties, schilferende huid en afwijkingen in de huid, de slijmvliezen en het skelet. Ook verliest men reuk- en smaakvermogen. 

Risicogroepen – 91% van de anorexiapatiënten lijden onder een zinkdeficiëntie. 

Naast de bovenstaande mineralen worden hieronder nog wat overige besproken:

  • Chloride (Cl): Chloride komt voornamelijk voor in keukenzout en is samen met natrium en kalium nodig voor een goed evenwicht in de vochthuishouding. Daarnaast komt chloride ook voor in maagzuur als zoutzuur. ADH is 1,5 tot 3 gram. 
  • Chroom (Cr): Chroom is nodig voor een goede werking van insuline en voor het handhaven van het bloedsuikergehalte. Chroom speelt een belangrijke rol bij de glucosestofwisseling. De ADH voor mannen en vrouwen 25-30 mg. 
  • Fluoride (Fl): Fluoride helpt bij de bescherming van tanden. Het wordt opgenomen in het tandglazuur, waardoor tanden beter zijn beschermd tegen tandbederf. Er is geen ADH.
  • Koper (Cu): Koper is nodig bij de vorming van bloed, enzymen, ijzerstofwisseling, bindweefsel en botweefsel. Daarnaast is het belangrijk voor het functioneren van het afweersysteem/immuunsysteem en voor de bloedstolling. ADH is 0,9 mg. 
  • Mangaan (Mn): Mangaan is onderdeel van een aantal enzymen in het lichaam die betrokken zijn bij de energiestofwisseling. ADH is 3,0 mg. 
  • Molybdeen (Mo): Molybdeen maakt deel uit van verschillende enzymen. Deze enzymen zijn betrokken bij de opbouw en afbraak van eiwitten in ons lichaam. ADH is 65 mcg.
  • Fosfor (P): Fosfor draagt samen met calcium bij tot de vorming van boen en tanden. Fosfor speelt een rol in de energiestofwisseling. ADH is 550 mg. 
  • Zwavel (S): Zwavel is een onderdeel van bindweefsel, eiwitten, hormonen en enzymen. Daarnaast is het betrokken bij het ontgiften in de lever. 

Hoe ziet jouw multivitamine eruit en weet je eigenlijk waarvoor je hem gebruikt? Wil je weten welke supplementen jij nu echt nodig hebt? Wij kunnen je daar bij helpen in ons php programma 

Perfecte timing, bestaat dat?

Perfecte timing, bestaat dat?

Voedingsstoffen zoals eiwitten, vetten en koolhydraten zijn in grammen in onze voeding aanwezig. De onderlinge verhouding tussen de eiwitten, vetten en koolhydraten is belangrijk voor een goede opbouw van alle lichaamscellen. Ons lichaam bestaat uit botten, spieren, bloed, andere weefsels en vocht. Al deze structuren worden opgebouwd uit dezelfde bouwstenen, namelijk eiwitten, vetten en koolhydraten.

Naast het eten van de verschillende macros kunnen de momenten wanneer we bepaalde voedingstoffen eten ook nog gevolgen hebben op ons gedrag en hoe we ons voelen. Waarom komen rond een uurtje of 15.00 de sugarcravings? Of waarom lukt het me niet om een volle dag te focussen? En wat eet ik nu voor en na het sporten? Dat gaan wij je vertellen!

De timing van wanneer we de macros eten kan voor iedereen verschillend zijn. Dit is natuurlijk afhankelijk van hoe je dag er uit gaat zien! De perfecte timing bestaat dus niet, maar een persoonlijk aangepaste timing wel.

 

Eiwitten 

Eiwitten dienen in ons lichaam als bouwstof, bestanddeel van enzymen, bestanddeel van hormonen, bestanddeel van neurotransmitters, bestanddeel van antistoffen, transportmiddel en soms als brandstof. Eiwitten in voeding komen voor in dierlijke en plantaardige producten, maar daarnaast kunnen we ook nog een onderscheid maken in de zo genoemde snelle en langzame eiwitten. Deze namen zijn voortgekomen uit de snelheid van de opname van de eiwitten. 

Langzame eiwitten zijn effectief om spierafbraak tegen te gaan. Deze vinden we vooral terug in zuivelproducten zoals kwark yoghurt en melk. Hetzelfde geld voor rood vlees. 

Snelle eiwitten stimuleren juist de spiereiwitsynthese (opbouw) en worden dus ook snel door je lichaam opgenomen. Bij snelle eiwitten kun je denken aan bijvoorbeeld eieren en eiwitshakes. Deze zijn dus ideaal voor na het sporten. Je hoeft niet gelijk na het sporten een eiwitshake te nemen want dit kan tot 4 uur na je workout. 

Ons lichaam heeft nauwelijks de capaciteit om aminozuren (eiwitten) op te slaan en zullen we deze dus ook voldoende binnen moeten krijgen vanuit ons voedsel. Qua hoeveelheid willen we ongeveer aanhouden dat mensen 0,8 gram eiwit per kilo lichaamsgewicht eten. De precieze behoefte is hierbij ook weer heel persoonlijk en hangt af van de omstandigheden. Zo geeft intensief sporten een extra beschadiging aan spieren, vandaar dat het lichaam van sporters meer eiwit verbruikt. Ook ziektes en verwondingen, voornamelijk brandwonden, vragen om extra eiwitten voor het vernieuwen en herstellen van beschadigd lichaamsweefsel. 

Door eiwitten (het liefst snelle eiwitten) toe te voegen aan het ontbijt zal het hongergevoel gedurende de dag, en de snack momenten later op de dag al een stuk minder worden. Daarnaast remmen eiwitten de aanmaak van cortisol. Probeer voor het sporten liever geen biefstuk te eten want dan gaat al je energie naar het verteren ipv je push ups. 

Koolhydraten

Koolhydraten worden ook wel sachariden of suikers genoemd en komen in verschillende vormen voor. De koolhydraten die we via de voeding binnenkrijgen worden opgeslagen in de vorm van glycogeen in de spieren en de lever. Wanneer het lichaam energie nodig heeft kan je lichaam deze opslag weer omzetten in glucose. Glucose is voor je lichaam een belangrijke brandstof om te bewegen denken en het lichaam op temperatuur te houden. 

Koolhydraten hebben verschillende functies. De functies van verteerbare koolhydraten verschillen van die van de onverteerbare koolhydraten. Verteerbare koolhydraten functioneren in de eerste plaats als brandstof, maar ook zorgen ze voor de zoete smaak aan voedsel. Onverteerbare koolhydraten worden ook wel onze voedingsvezels genoemd. En die zijn weer belangrijk voor een hoop andere functies in het lichaam. 

Naast verteerbaar en onverteerbaar kunnen we de koolhydraten ook nog onderverdelen op basis van hoe de moleculen zijn opgebouwd.  Zo zijn er monosachariden, disachariden, oligosachariden en polysachariden.

Tot de monosachariden behoren glucose, fructose en galactose (melksuiker). Dit is de snelste vorm van suiker en dus snelste manier van energie. Dit vinden we in fruit en honing. Tot de disachariden behoren sacharose (riet- bietsuiker), lactose (melksuiker) en maltose (moutsuiker). Voorbeeld van oligosachariden is het afbraakproduct van zetmeel. De verteerbare polysachariden zijn zetmeel en glycogeen. Veel van de polysachariden behoren tot de voedingsvezels. Voedingsvezels is een verzamelnaam voor een diverse groep koolhydraten die niet in de dunne darm verteerd worden.

Heel veel verschillende vormen van koolhydraten dus. Belangrijk om bij koolhydraten te onthouden is dat het de snelste vorm van energie voor ons lichaam is. Daarom is het belangrijk dat we koolhydraten eten op momenten dat ons lichaam deze energie ook op kan maken, zoals voor het sporten of in het begin tot halverwege de dag. Juist aan het einde van de dag met het avondeten willen we meer letten op het eten van meer vezels en niet teveel koolhydraten omdat je lichaam die energie niet meer op maakt, en het dus wordt opgeslagen in de spieren en lever.

 

Vetten

Vetten zijn een zeer belangrijke leverancier van energie. Daarnaast hebben vetten nog veel meer functies; Vetten zijn een bouwstof; ze zijn een bestanddeel van celmembranen en vormen bestanddelen van hormonen en vitamines; Vetten vormen een oplosmiddel voor de in vet oplosbare vitaminen A, D, E en K en zorgen ervoor dat deze nutriënten door het lichaam getransporteerd kunnen worden; Vetten worden gebruikt voor de ontwikkeling en het functioneren van de hersenen, het zenuwstelsel en de ogen; Vetten hebben een beschermende functie; Vetten hebben een isolerende functie; Vetten beïnvloeden de ontstekingsprocessen in het lichaam en oefenen invloed uit op de werking van het immuunsysteem.

Alle vetten en oliën zijn een combinatie van verzadigde en onverzadigde vetzuren. Het gaat om de juiste verhouding tussen de verschillende vetzuren: meer onverzadigde vetten en minder verzadigde en transvetten. Naast een bepaalde hoeveelheid vet (kwanteit) heeft ons lichaam ook een aantal soorten vetten nodig (kwaliteit). Een gebrek aan bepaalde veen hangt samen met aandoeningen als chronische ontstekingen, gedragsstoornissen, leerproblemen, huidaandoeningen en de werking van ons immuunsysteem. 

Transvetten zijn onverzadigde vetten. Onverzadigde vetten zijn over het algemeen goed voor de gezondheid, maar transvetten zijn dat niet: ze zijn slechter dan verzadigde veen en zeer schadelijk voor de gezondheid. Transvetten ontstaan door chemische processen in een fabriek of door verhitting op hoge temperaturen zijn deze onverzadigde vetten hard gemaakt. Bij consumptie van deze transvetten kunnen ze de celfuncties verstoren. 

Op alle etiketten van de producten die men in de supermarkt koopt staat aangegeven hoeveel onverzadigde en verzadigde het product bevat. Bij transvetten kun je kijken naar de ingrediënten. Als er staat ‘plantaardig vet, gedeeltelijk gehard’ of ‘gehydrogeneerd vet’ dan is er gebruik gemaakt van transvetten. 

Vetten hebben dus mega veel verschillende functies en zijn daarom vrijwel essentieel in onze voeding. Voor mensen die dagelijks veel denkwerk doen is het belangrijk om voldoende vet te eten. Probeer dit dan ook vooral in de ochtend en middag te doen, zodat je lichaam de vetten ook nog om kan zetten. Het grootste probleem is namelijk dat mensen teveel vetten innemen en je lichaam het dan ook onderhuids op gaat slaan. 

Voor meer informatie hoeveel je nu precies van alles mag eten kun je onze blog lezen over de handpalmmethode!